 |
Muziekhandel Boeijenga
verhuist en gaat door. |
 |
| |
Het zal de
meeste lezers van de Friese Orgelkrant niet zijn ontgaan, dat de heer Fedde
Boeijenga van de bekende boek- en muziekhandel Boeijenga aan het Sneeker
Kleinzand op 6 april 2004 plotseling is overleden. Ongetwijfeld hebben vele
lezers ook gehoord, dat de zaak in andere handen is overgegaan. In dit artikel
gaan we kort in op de geschiedenis van deze zaak en stellen we de nieuwe
eigenaar aan u voor. |
|
| |
Vier
generaties Boeijenga |
|
| |
In 1887
begon de overgrootvader van Fedde in Sneek een kantoorboekhandel, die later
werd omgezet in een gewone boekhandel. Steeds ging de zaak over van vader op
zoon. J.W. Boeijenga, de vader van Fedde, was een zeer actief organist. Hij had
les gehad van onder andere de Leeuwarder organisten Paardekoper en Stam en
speelde aanvankelijk in de gereformeerde kerk te Sneek, later in de kapel van
Bloemkamp te Bolsward. Hij was vaste continuospeler bij de cantatemiddagen van
de Bolswarder Martinicantorij, die haar grootste bloei beleefde onder leiding
van Gezinus Schrik. Bovendien gaf hij in jonge jaren regelmatig orgelconcerten.
J.W. Boeijenga las veel vakliteratuur op orgelgebied en had, mede door zijn
bestuursfuncties, vele contacten in de orgelwereld. |
|
| |

De heer Fedde Boeijena in de deuropening van het voormalige pand van boek- en muziekhandel Boeijenga aan het Kleinzand te Sneek. |
Fedde, de vierde generatie Boeijenga, kwam in 1969 bij zijn ouders in de zaak, die
langzamerhand een muziekhandel werd met een unieke hoeveelheid orgelmuziek, waar
ook vaak buitenlanders kwamen. J.W.
Boeijenga is in het harnas
gestorven. Hij overleed in 1984 tijdens het orgelconcours in Nijmegen, waar
vader en zoon met een stand stonden. Fedde Boeijenga had veel steun aan zijn
moeder, die altijd al in de zaak bezig was, maar dat werd minder, toen zij ouder
werd. Zij overleed in december 1993. Een grote klap was ook het overlijden – na
een ongeneeslijke ziekte – van zijn trouwe huishoudelijk hulp in december 2003.
De huishouding was niet bepaald Fedde's hobby! Na het overlijden van Fedde
Boeijenga, die ongehuwd was gebleven, had de familie geen opvolger. Wel meldde
zich spoedig iemand, die de voorraad wilde overnemen, wat het einde van de zaak
zou betekenen. Tot vreugde van Fedde Boeijenga's zuster en haar echtgenoot – en
zeker ook tot grote blijdschap van vele organisten en orgelliefhebbers – kwam er
kort daarop iemand die de zaak wilde overnemen en voortzetten. Nog in april
begon het overleg. Men werd het spoedig eens en al gauw kon de mededeling "voor
onbepaalde tijd gesloten" van de deur worden gehaald. Op 25 juni heropende de
nieuwe eigenaar, Wybe O. Sierksma, de zaak, voorlopig voor vier middagen in de
week. |
|
| |
Nieuwe
eigenaar |
|
| |
Wybe Sierksma werd in 1956 geboren. Zijn grootvader, die wagenmaker van beroep was,
bespeelde in zijn woonplaats Suameer het kerkorgel. Alle kinderen kregen
harmoniumles. Grootvader overleed jong. Tijdens de oorlog woonde beppe in
Leeuwarden aan de Bleeklaan. Hoewel de vader van Wybe niet een erg ijverige
leerling was geweest, stond hij erop, dat zijn kinderen ook allemaal muziekles
kregen. Zo had Wybe harmoniumles van zijn 6e tot zijn 16e. Grote indruk maakte
het Reilpositief dat een tante bespeelde tijdens de kerkdiensten in de
Vrijgemaakt Gereformeerde kerk, waartoe de familie behoort. Wybe volgde na het
atheneum een opleiding tot registeraccountant en werkte als zodanig tot 1992 in
Haarlem. In 1992 verhuisde hij met zijn gezin naar Leeuwarden. Zowel in Haarlem
als in Leeuwarden diende hij zijn kerkgenootschap als organist. Het huiselijk
harmonium was al eens vervangen door een moderner apparaat, maar dat voldeed
niet erg en zo kwam er een huispijporgel van Van Vulpen (2 manualen met elk 3
registers en een Sordun 16' in het pedaal). Voor iemand met een drukke
werkkring, die zijn diensten serieus voorbereidt, is zo'n orgel een kostbaar
bezit. Dit gold temeer, toen Wybe 5 jaar geleden weer les nam. Het contact met
de klant, dat altijd één van de aantrekkelijke kanten van het accountantswerk is
geweest, wordt formeler en vluchtiger en lijdt bovendien onder de toenemende
regelgeving. Voor Wybe Sierksma reden om iets anders te gaan doen! |
|
| |
De
verhuizing |
|
| |
Een groot probleem aan het Kleinzand was al jaren het ruimtegebrek. Immers, wil je de
voorraad zo onderbrengen, dat een zoekende klant en de verkoper iets
gemakkelijk en snel kunnen vinden, dan moeten componisten op alfabet liggen,
moeten koraalbundels, verzamelbanden, lesmateriaal hun eigen plaats hebben.
Daarvoor was aan het Kleinzand geen plaats. Voor Fedde Boeijenga met een
fotografisch geheugen voor zulke zaken was dat geen probleem, voor een ander
wel. Nu had Wybe al een belang in Gobelin Music Publications, de in Akkrum
gevestigde uitgeverij van muziek voor brassband, harmonie en fanfare. Ook de
eigenaar van dat bedrijf, Sytze van der Hoek, kampte met ruimtegebrek. Besloten
werd samen een nieuw pand te zoeken. Een ideale mogelijkheid deed zich voor in
Veenhuizen, waar het leegstaande voormalige Directiehotel beschikbaar kwam.
Tot 1980 was Veenhuizen een afgesloten gebied. In het begin van de 19e eeuw
ontwikkelde de Maatschappij tot Weldadigheid programma's ter bestrijding van armoede door
arbeid. Het dorp Veenhuizen ontstond, doordat mensen een huis met stal en een
stukje grond konden krijgen. Naast de vrije landbouwkolonisatie kwamen er
semi-penitentiaire gestichten voor asocialen en kleine criminelen. In 1823 werd
er gestart met 4000 kinderen, 1500 bedelaars en 500 gezinnen. Veenhuizen moest
een autarkie worden, d.w.z. een gemeenschap, die op zichzelf staat en niet
afhankelijk is van de buitenwereld. De eigen landbouw moet voorzien in de eigen
voedselvoorziening. Er komen eigen ambachtelijke werkplaatsen, eigen
onderwijsinstellingen, zelfs een eigen politie en een eigen munt. De
strafinrichting, de rijkswerkinrichting en de noodzakelijke huizen en andere
gebouwen – waaronder een hervormde en een rooms-katholieke kerk – verrijzen snel
en krijgen een karakteristieke architectuur. Na 1980 trekt justitie zich
gedeeltelijk terug. Er zijn nog wel de gesloten inrichtingen, maar in het dorp
kunnen nu ook mensen wonen, die geen band met justitie hebben. Door de gemeente
Noordenveld en de provincie Drenthe wordt samen met het ministerie van Justitie
en de Rijksgebouwendienst een stuurgroep ingesteld om nieuwe ontwikkelingen in
goede banen te leiden. Het karakter van de bebouwing moet niet verloren gaan,
voor leegstaande gebouwen wordt een nieuwe bestemming gezocht. Daarbij wordt
gedacht aan bedrijven, ateliers, een zorghotel, het nationaal gevangenismuseum
en toeristische voorzieningen. Er zijn of komen recreatieve routes door het
fraaie, bosrijke landschap. Zo wordt erover gedacht de zes wijken (zijkanalen
van de Kolonievaart) weer uit te graven. Het realiseren van allerlei grootse
plannen kon beginnen, toen het Ontwikkelingsbureau Veenhuizen eind september
2004 bericht kreeg, dat de aangevraagde Kompassubsidie was toegekend.
|
|
| |

Het nieuwe onderkomen van boek- en muziekhandel Boeijenga in Veenhuizen. |
Het eerste bedrijf, dat zich in Veenhuizen gevestigd heeft, is het Muziekinstituut
Veenhuizen, op dit moment bestaande uit Muziekhandel Boeijenga en Gobelin. In
oprichting is een derde bedrijf, Music Consultancy, een adviesbureau voor het
organiseren van concerten, festivals, masterclasses, cursussen enz. De
rooms-katholieke kerk in Veenhuizen heeft een zeer goede akoestiek en leent zich
uitstekend voor optredens van bijvoorbeeld een brassband. Het orgel in de
hervormde kerk is in 1821 door J. A. Hillebrand gebouwd voor de hervormde kerk
van Akkrum. Toen Van Oeckelen in 1856 een nieuw orgel in Akkrum leverde,
plaatste hij het Hillebrand-orgel in Veenhuizen. Dit orgel bestaat uit een
hoofdwerk en een loos rugpositief. Momenteel wordt het gerestaureerd door
Bernhard Edskes. Tot de Veenhuizer plannen behoort ook het organiseren van
restauratiecursussen voor orgelbouwers: Bernhard Edskes is voornemens vanuit
Veenhuizen restauratiecursussen te organiseren. Overwogen dient te worden
orgelbouwers uit het Noorden des lands tijdig bij deze plannen te betrekken. |
|
| |
Tekst |
|
| |
Muziekhandel Boeijenga was in feite een familiebedrijf. Ook nu is dat voor een
deel nog het geval. Geert Jan Pottjewijd verzorgde voor Fedde Boeijenga de
website. Voor Wybe Sierksma blijft hij dat doen. Wybe Sierksma heeft weliswaar
het accountantsvak eraan gegeven, maar tot eind maart 2005 is hij nog twee dagen
in de week belast met het management van de Fryske Akademy en het is niet
uitgesloten, dat hij nog eens voor een dergelijke opdracht zal worden gevraagd.
In de komende tijd wil hij de grote buitenlandse muziekuitgevers gaan bezoeken.
Toch komt de klant dan niet voor de dichte deur. In zulke gevallen past soms
zijn vrouw, Fenny, op de zaak, maar meestal zoon Arjen. Omdat de schrijver van
dit artikel de laatste tijd verscheidene middagen besteedde aan het sorteren van
en het zoeken naar een nieuwe bestemming voor "het Boeijenga-archief" was hij
vaak aan het Kleinzand. Daar heeft Arjen met grote inzet de voorraad
geïnventariseerd en in de computer ingevoerd. Al doende moest hij zich inwerken
in een voor hem nieuwe en vreemde wereld (een vakopleiding muziekhandelaar
bestaat er tot dusver niet). Voortaan is in één opslag te zien of een bepaalde
uitgave aanwezig is. Aanvulling van de voorraad gaat dan automatisch, bovendien
geeft dit inzicht hoe groot de voorraad van bepaalde uitgaven moet zijn. Dit is
zeer bevorderlijk voor een vlotte levering en een effectieve service. Tot de
plannen waarmee reeds begonnen is behoort de uitbouw van de 'uitgeverspoot'. Boeijenga
gaf incidenteel eens wat uit, in de nabije toekomst zal dit meer
structureel gebeuren. Hiervoor biedt de huisvesting in één gebouw met
Gobelin uitstekende mogelijkheden.
Wij wensen
Wybe Sierksma en zijn medewerkers veel succes bij het voortzetten van
Boeijenga's Boek- en Muziekhandel. De toekomst van deze voor de orgelcultuur in
onze regio onmisbare boek- en muziekhandel zien wij met vertrouwen tegemoet. |
|
| |
|
|